• Meest ervaren leefstijlopleider van NL
  • Wetenschap is de basis
  • Accreditatie en certificering

Obesitas, suiker en dopamine: verslaving of gewoonte?

Obesitas is wereldwijd een groeiend gezondheidsprobleem. Traditioneel werd het verklaard vanuit een eenvoudig energiebalansmodel: wie meer calorieën inneemt dan verbruikt, komt aan in gewicht. Deze benadering doet echter geen recht aan de complexiteit van het menselijk eetgedrag. Steeds meer onderzoek wijst op de rol van het brein, en met name het beloningssysteem, waarin de neurotransmitter dopamine een centrale rol speelt. Vooral suiker en geraffineerde koolhydraten blijken dit systeem sterk te beïnvloeden. De vraag rijst: in hoeverre lijkt overeten op een vorm van verslaving?

Het beloningssysteem en dopamine

Dopamine is een neurotransmitter die betrokken is bij motivatie, leren en het ervaren van plezier. Wanneer we eten, vooral voedsel dat rijk is aan suiker of vet, komt dopamine vrij in de nucleus accumbens, een kerngebied in de hersenen dat ons beloningsgevoel reguleert. Dit mechanisme heeft evolutionair voordeel: het stimuleerde onze voorouders om calorierijk voedsel te zoeken en te consumeren in tijden van schaarste.

Bij obesitas zien we echter verstoringen in dit systeem. Mensen met obesitas hebben vaak een verminderde beschikbaarheid van dopamine D2-receptoren in dit hersengebied. Daardoor daalt de gevoeligheid voor beloning. Net als bij drugsverslaving kan dit leiden tot compensatiegedrag. Men eet meer om hetzelfde gevoel van voldoening te bereiken. Dit verschijnsel staat bekend als reward deficiency.

Suiker als trigger

Suiker is een krachtige activator van het dopaminerge systeem. Acute inname veroorzaakt een sterke dopamine-afgifte, wat een direct gevoel van beloning geeft. Maar bij herhaald of overmatig gebruik neemt de gevoeligheid af: D1- en D2-receptoren worden minder actief. Hierdoor ontstaat tolerantie: men heeft steeds meer suiker nodig voor hetzelfde effect.

Daarnaast versterkt suiker associatief leren: hersengebieden koppelen omgevingsprikkels (zoals de geur van gebak of de verpakking van een frisdrank) aan het verwachte beloningseffect. Dit maakt het bijzonder moeilijk om verleidingen te weerstaan, zelfs als er geen fysiologische honger is.

Vergelijking met verslaving

De parallellen tussen suikerconsumptie en middelenverslaving zijn opvallend. Net als bij cocaïne of nicotine zien we:

  • Verhoogde motivatie: men is bereid moeite te doen om suiker te bemachtigen.

  • Tolerantie: steeds meer nodig voor hetzelfde effect.

  • Onttrekkingsverschijnselen: prikkelbaarheid of somberheid bij onthouding.

  • Verminderde controle: moeite om consumptie te beperken, ondanks negatieve consequenties.

Toch bestaat er discussie. Niet alle onderzoekers beschouwen suiker als een ‘echte’ drug. Het verschil zit in de intensiteit van de effecten en de context: eten is noodzakelijk om te overleven, drugsgebruik niet. Bovendien zijn er ook mensen die veel suiker consumeren zonder obesitas of dwangmatig eetgedrag te ontwikkelen. Genetische en psychologische factoren lijken hierbij een belangrijke rol te spelen.

suikerrijke producten kunnen verslavend werken Genetische en hormonale invloeden

Niet iedereen reageert hetzelfde op suiker of vetrijke voeding. Genetische variaties in dopamine-gerelateerde genen, zoals het FTO-gen, beïnvloeden hoe gevoelig iemand is voor beloningsprikkels. Sommige mensen ervaren een sterker dopaminesignaal en lopen daardoor een groter risico op overeten.

Daarnaast beïnvloeden hormonen zoals insuline en leptine het beloningssysteem. Bij obesitas treedt vaak insulineresistentie op, ook in de hersenen. Dit verstoort de dopaminefunctie verder en kan leiden tot stemmingsstoornissen, wat het risico op emotioneel eten vergroot.

Psychologische en sociale factoren

Eetgedrag wordt niet alleen gestuurd door biologie, maar ook door emoties en sociale context. Stress, verveling en negatieve emoties kunnen leiden tot emotioneel eten. Het beloningssysteem biedt dan tijdelijke verlichting, maar dit effect is van korte duur. Sociale factoren, zoals marketing, beschikbaarheid en culturele gewoonten, versterken de aantrekkingskracht van suikerrijk voedsel. In een omgeving waar fastfood en sterk bewerkt voedsel met relatief veel suikers overal voorhanden is, wordt het bijna onmogelijk om puur op wilskracht gezonde keuzes te blijven maken.

Klinische implicaties

Het inzicht dat obesitas en overeten samenhangen met dopamine en het beloningssysteem heeft belangrijke consequenties voor behandeling en preventie.

  1. Leefstijlinterventies: Bewustwording van triggers, stressmanagement en het versterken van zelfregulatie kunnen helpen om de drang naar suiker te verminderen.

  2. Voedingsaanpassingen: Minder suikers en geraffineerde koolhydraten en meer eiwitten en vezels stabiliseren de bloedsuikerspiegel en verminderen schommelingen in dopamine-afgifte.

  3. Farmacologische benaderingen: Onderzoek naar middelen die dopaminefuncties beïnvloeden (zoals bupropion of GLP-1-agonisten) laat veelbelovende resultaten zien. Maar afslankmedicatie kan niet zonder leefstijlaanpassingen blijkt uit onderzoek.

  4. Gedragsmatige therapieën: Cognitieve gedragstherapie en motivational interviewing zijn effectief om gewoonten te doorbreken en alternatieve beloningen te ontwikkelen.

Controverses en kritische kanttekeningen

Hoewel de link tussen suiker, dopamine en verslavingsachtig gedrag overtuigend lijkt, zijn er ook kritische geluiden.

  • Niet iedereen met obesitas vertoont dopaminedeficiëntie.

  • Het label ‘verslaving’ kan stigmatiserend werken en mensen het gevoel geven dat ze geen controle hebben. Dit werkt echter ook de andere kant op wanneer wordt uitgelegd dat obesitas meer is dan een gebrek aan discipline. Er is ook vaak herkenning bij mensen met obesitas dat suikerrijke voedingsmiddelen verslavend werken.

  • En er is altijd behoefte aan meer onderzoek naar de interactie tussen genetica, omgeving en psychologische factoren.

Sommigen pleiten voor het gebruik van de term compulsief eetgedrag in plaats van suikerverslaving. Dit benadrukt het verlies van controle, zonder dat het per se gelijkgesteld wordt aan drugsgebruik.

Conclusie

Obesitas en overeten zijn geen simpele kwestie van wilskracht of gebrek aan discipline. Ze zijn nauw verbonden met veranderingen in het beloningssysteem van de hersenen, waarin dopamine een sleutelrol speelt. Suiker en geraffineerde koolhydraten activeren dit systeem krachtig, maar bij chronische blootstelling leidt dit tot tolerantie, compulsief gedrag en een vicieuze cirkel van overeten.

Hoewel de vergelijking met verslaving niet volledig sluitend is, biedt dit perspectief wel waardevolle handvatten voor preventie en behandeling. Het benadrukt dat obesitas geen individueel falen is, maar het resultaat van een complexe interactie tussen biologie, psychologie en omgeving. Effectieve interventies zullen daarom altijd multidimensionaal moeten zijn: gericht op voeding, gedrag, emoties en de bredere voedselomgeving.

Door de verslavingsachtige aspecten van eetgedrag serieus te nemen, kunnen we betere strategieën ontwikkelen om de obesitasepidemie te keren – en mensen ondersteunen in het terugwinnen van controle over hun eetpatroon.

Yneke

Er zijn ook tegengeluiden dat bovenstaand niet of nog niet is bewezen. Prof. dr. Anne Roefs presenteerde bijgevoegde presentatie in 2024: Presentation Oct 2024

Bronnen die Yneke o.a. heeft gebruikt

  1. Volkow et al. (2011) – Het dopaminerge beloningssysteem speelt een sleutelrol in eetgedrag; bij obesitas raakt dit systeem ontregeld, wat leidt tot verminderde zelfcontrole en verhoogde gevoeligheid voor voedselprikkels. Volkow, N. D., Wang, G. J., & Baler, R. D. (2011). Reward, dopamine and the control of food intake: Implications for obesity. Trends in Cognitive Sciences, 15(1), 37–46. https://doi.org/10.1016/j.tics.2010.11.001

  2. Wang et al. (2001) – Mensen met obesitas hebben minder dopamine D2-receptoren, waardoor zij minder gevoelig zijn voor beloning en geneigd zijn méér te eten om hetzelfde effect te bereiken.
    Wang, G. J., Volkow, N. D., Logan, J., Pappas, N. R., Wong, C. T., Zhu, W., Netusll, N., & Fowler, J. S. (2001). Brain dopamine and obesity. The Lancet, 357(9253), 354–357. https://doi.org/10.1016/S0140-6736(00)03643-6

  3. Johnson & Kenny (2010) – In dierstudies vertonen ratten met obesitas verslavingsachtig eetgedrag dat direct samenhangt met veranderingen in dopamine D2-receptoren.
    Johnson, P. M., & Kenny, P. J. (2010). Dopamine D2 receptors in addiction-like reward dysfunction and compulsive eating in obese rats. Nature Neuroscience, 13(5), 635–641. https://doi.org/10.1038/nn.2519

  4. Reichelt (2016) – Tijdens de adolescentie is het brein extra kwetsbaar voor de effecten van suiker en vet, met blijvende gevolgen voor dopamine en cognitieve functies.
    Reichelt, A. C. (2016). Adolescent maturational transitions in the prefrontal cortex and dopamine signaling as a risk factor for the development of obesity and high fat/high sugar diet induced cognitive deficits. Frontiers in Behavioral Neuroscience, 10, Article 189. https://doi.org/10.3389/fnbeh.2016.00189

  5. Olszewski et al. (2019) – Suiker activeert het beloningssysteem op een manier die sterk lijkt op drugs, wat kan leiden tot een onverzadigbare drang naar beloning en compulsief eetgedrag.
    Olszewski, P. K., Wood, E. L., Klockars, A., & Levine, A. S. (2019). Excessive consumption of sugar: An insatiable drive for reward. Current Nutrition Reports, 8(2), 120–128. https://doi.org/10.1007/s13668-019-0270-5

Nieuwsbrief

Het laatste nieuws en updates ontvangen?

Meld je direct aan

Aanmelden

Meld je aan voor een gratis online introductieles of voor een demo van de E-learning.

Meld je direct aan

Dit vind je wellicht interessant:

1-Daagse training
Coaching op snaaigedrag

Snoep- en snackgedrag is vaak erg complex. Tijdens de training leer je de vele oorzaken van snaaigedrag. Je leert de complexiteit van het gedrag van jouw coachees beter begrijpen en herkennen. Je oefent in de praktijk om deze kennis in te zetten tijdens oefencoachsessies. Na de training kun jij jouw coachees die te veel snaaien of snacken beter begeleiden zodat ze gaan oefenen met vaardigheden te trainen om zelf weer de baas te zijn over hun snaaigedrag.

2-Daagse training
Metabole disfunctie voor leefstijlcoaches

Deze tweedaagse training voor leefstijlcoaches leert je alles over de fysiologie, pathologie en coaching van metabole disfunctie.